T.I.N.O. interview 12

Begin, vragen 1 t/m 4, gaan over het verlies en de begeleiding die U hebt gehad

Interview gehouden op 03-06-2019

Gezinssituatie: moeder, vader, zoontje (vroeggeboorte) en een dochtertje

Verlies: Tweede zoontje is overleden vlak na de geboorte. Hij heeft 1 dag

geleefd. De placenta had groter moeten zijn, hij woog 400 gram en had

eigenlijk 600 gram moeten zijn.

4 maal een vroege miskraam gehad.

  1. Zoudt u mij kunnen vertellen over het verlies dat u geleden hebt?

Ons zoontje is overleden vlak na de geboorte.

Na 40 weken en 1 dag, op 27 mei, ben ik spontaan bevallen in het ziekenhuis te Boxmeer. Ik had die middag gewoon een controle, een CTG en alles was goed. Ik kreeg spontaan ween en toen ik s ’avonds in het ziekenhuis terugkwam was de hartslag heel moeilijk te vinden. Toen werd het allemaal spoed. Ik kreeg een spoedkeizersnee en ze hebben hem gereanimeerd. Naar aanleiding hiervan hebben ze een kinderambulance en een kinderarts vanuit het Radboudumc naar Boxmeer gestuurd zodat ze hem konden vervoeren naar het Radboudumc. Ze hebben ons zoontje een koelpakje aangedaan om verdere schade te beperken. Achteraf bleek dat er al te veel schade was om levensvatbaar te kunnen zijn.

Mijn man is toen met ons zoontje naar het Radboudumc gereden. Ik ben in de nacht – toen ik een beetje opgelapt was, ik had tijdens de keizersnede veel bloed verloren en algehele narcose gehad – na gebracht naar het Radboudumc.

Ons zoontje heeft nog 1 dag geleefd en is toen op 28 mei overleden.

Wij hebben toen zelf, in overleg met de arts, de behandeling stilgezet. Het was geen keuze, want ons zoontje was totaal niet levensvatbaar.

Hij is op 27 mei geboren en op 28 mei overleden, na 40 weken en 2 dagen.

Ons eerste zoontje is geboren met 36 weken en 1 dag. Mijn vliezen waren spontaan gebroken en ik ben toen ingeleid. We hebben toen twee weken ziekenhuis opname gehad. Hij was prematuur en had opstartproblemen.

Bij ons tweede zoontje ging de zwangerschap heel goed en we hadden zoiets van hoe langer hij blijft zitten hoe beter het is, dan hebben we in ieder geval die opstartproblemen niet. Mijn zus was ook zwanger, dus we waren tegelijkertijd samen zwanger en we scheelden precies twee weken. Hoe verder we kwamen hoe mooier en de natuur deed zijn werk wel vonden wij. Het ging gewoon goed en alles was ook goed. We kozen er toen ook heel bewust voor om de behandeling van ons zoontje stop te zetten.

  1. Wat is er gebeurd?

Ernstig zuurstoftekort in mijn buik, ergens in de middag, avond of daar tussenin. Ze hebben hem nog onderzocht, maar daar is eigenlijk nooit iets uit gekomen. Ons zoontje was redelijk groot en qua gewicht redelijk zwaar. In verhouding was de placenta heel klein en nog voor 99% goed, wat voor de termijn van de zwangerschap apart was, zeiden ze hier. De placenta had groter moeten zijn, hij woog 400 gram en had eigenlijk 600 gram moeten zijn. Ze zeiden dat gezien ik overtijd was de placenta af zou moeten nemen qua voedingswaarden en zo. En dat was bij mij totaal niet, 1% dan, dat kunnen sommigen al bij de 30 weken hebben.

En er zaten heel veel wikkelingen in de navelstreng, dat kunnen ze niet als doodsoorzaak aanwijzen. Al deze dingen bij elkaar opgeteld, schept dat een totaal plaatje van wat de doodsoorzaak zou kunnen zijn geweest.

De placenta heb ik nog laten onderzoeken in Utrecht bij een patholoog, maar hij kon er ook niets aan ontdekken. Er zaten meer wikkelingen in de navelstreng dan gemiddeld, maar ook dat is niet als doodsoorzaak aan te wijzen. Helaas zijn we nooit iets wijzer geworden. Op het Radboudumc zeiden ze al dat als we een obductie zouden laten doen dat we dan niets zouden vinden, maar ze snapten dat we het wel wilden laten doen. Het was dus niet een geheel onverwachte verrassing dat er niets uit kwam, maar op dat moment wil je een antwoord weten op je vragen. En dan na vier maanden nog, dan heb je nog steeds vragen net zo goed. Het is nog steeds nutteloos want waarom is hij doodgegaan, je hebt nog steeds geen antwoord. Een goed antwoord in mijn ogen bestaat er ook niet. En zeker met het oog op een volgend kindje wil je dit graag weten zodat je niet hetzelfde weer gaat meemaken. We hadden wel een houvast want we hebben al een zoontje, dus het moet kunnen.

Ons eerste kindje was gewoon een vroeggeboorte, daar was niet iets mee aan de hand. Ik denk dat hij ongeduldig was, want dat is hij nu nog steeds en bovendien ook nog druk. Hij was toen ook goed van gewicht en hij was helemaal af. Alleen hij had opstartproblemen. Ooit gebeuren die dingen en zeker bij de eerste weet je niet wat je meemaakt met 36 weken. Ik had toen 1 dag zwangerschapsverlof gehad, je bent voor de eerste keer ouder en dan ben je een maand te vroeg en dan denk je: wat gebeurt hier dan. Je bent dan nog niet bezig met bevallen. Je verwacht dan dat het kindje komt met 38, 39-40 weken heel naïef. Achteraf waren het gewoon kleine opstartproblemen die hij had; toen was dat heel vervelend; maar als je ziet wat je daarna meegemaakt hebt dan had je het graag weer overgedaan.

Bij ons tweede zoontje zeiden ze tegen ons dat ze vaak bij kinderen zonder aanwijsbare oorzaak, wikkelingen van de navelstreng zien. In Nederland staat het niet zwart op wit op papier dat dit ook een doodsoorzaak is.

Ik vraag de respondent wat haar gevoel hiervan zegt?

Ze vertelt dat ze na een half jaar nog bij een medium zijn geweest waar ze toch ook veel steun aan heeft gehad. Zij heeft altijd gezegd dat aan de linkerkant van zijn hersenen een ontwikkelingsfout heeft gezeten al tijdens hele de zwangerschap, die medisch niet ontdekt is en die ook niet had kunnen worden gezien.

Ik vraag de respondent of ze daar vrede mee heeft?

Nu ja vrede antwoordt ze, maar ik heb mij daar wel aan vast kunnen klampen. Dit had je mij vijf of zes jaar geleden niet moeten vertellen, dat ik daarin zou geloven, want daar ben ik veel te nuchter voor. Ze sprak ook over dingen betreffende de keizersnede en heel die avond die ik zelfs nog niet wist, maar alleen mijn man wist. En mijn man was ook helemaal verrast dat ze hier allemaal van af wist. Ik heb ook een hele fijne band opgebouwd met haar en ik heb nog steeds contact met haar. Daar kom je ook heel lastig tussen want die laat je er pas tussen als ze ziet dat je echt bloedserieus bent. Dat je niet komt om te voorspellen of je wel je autorijbewijs haalt of zo. Zij gaat echt heel diep in op de dingen.

Ik vraag de respondent of ze de bevindingen van het medium teruggekoppeld heeft naar de arts. Neen, deze grens is te groot, zij doen hun werk op medisch gebied en zij doet het via de spirituele kant en ik denk niet dat daar een klik is dan.

  1. Heeft u begeleiding gehad, tijdens die periode?

Neen, ze hebben zowel vanuit het Radboudumc als vanuit het andere ziekenhuis psychische hulp aangeboden via maatschappelijk werk, maar daar voelde ik totaal niets voor. Heel naïef, want ik vond zo dat iemand die niet een kind verloren heeft die kan mij daar niet in steunen want die voelt niet wat ik voel. Ik heb wel twee naaste vriendinnen uit het dorp die ook een kindje verloren hebben, onze kinderen liggen met zijn drieën naast elkaar begraven. Aan deze vriendinnen had ik veel meer dan aan wie dan ook. Zij weten wat je voelt en weten bij sommige bepaalde momenten in het jaar wat erboven komt en je hebt geen woorden nodig om elkaar te begrijpen.

De gynaecoloog uit Boxmeer heeft ons toen heel goed begeleid. Hij heeft toen ook heel vaak gebeld en we zijn er geweest. Hij heeft medeleven getoond en je kon zien dat hij het ook voelde. Ik heb aan hem ook veel steun gehad. Ik heb geen psychische hulp van hem gehad, maar hij was zo medelevend. Hij belde een keer op of stuurde een kaartje, deze kleine dingen zijn dan toch heel fijn. Via facebook heb ik ook een aantal lotgenoten leren kennen waar ik nog steeds bijna dagelijks contact mee heb.

In het Radboudumc ben ik geweldig ontvangen en behandeld. De dagen dat wij hier zijn geweest waren, in zover dat logisch klinkt, waren geweldig; de zorg, de professionaliteit en het aanspreken van de familie, dat was gewoon super. Toen wij hier weg zijn gegaan ging de deur voor mij wel dicht van het Radboudumc, ik wilde hier nooit meer terugkomen. In ieder geval niet voor medische zaken, er is te veel hier gebeurd en afgesloten om hier weer gemakkelijk binnen te kunnen wandelen.

De begeleiding was goed, maar de psychische begeleiding die ze ons aangeboden hadden, daar had ik geen behoefte aan. Misschien wel niet heel slim in het begin, maar neen daar had ik geen behoefte aan, ik heb mij er toch zelf door heen gebokst. Ik kon mijn eigen erin kwijt bij mensen die hetzelfde hadden meegemaakt. Ik vond: mensen die niet hetzelfde hebben meegemaakt die voelen het niet; of je nu psycholoog bent of wat dan ook, je voelt het niet. Misschien wel heel stom van mij, maar zo was mijn gedachtegang en ik vind dat nog steeds.

  1. Heeft u begeleiding gehad na die periode?

Neen.

Niet op die manier, neen. Ik denk dat je een kaartje of telefoontje van de gynaecoloog geen begeleiding moet noemen.

Ik vraag de consulent of ze het gaan naar een medium niet als begeleiding ziet?

Neen, dat was terug in de tijd en even contact zoeken met.

Vervolgens vraag ik haar of ze het geen gemis heeft gevonden om geen begeleiding te krijgen na de periode?

Neen, daar heb ik bewust zelf voor gekozen want ze hadden het echt wel aangeboden. Misschien als je terug in de tijd kijkt dat je denkt ik heb mij zelf een jaar lang binnenshuis gehouden en alle sociale contacten toch wel heel erg op een laag pitje gezet; misschien had ik achteraf toch wel meer moeten aannemen. Toen vond ik het fijn en goed. Je hebt zoveel aanloop in de beginperiode en zo fijn, maar op een gegeven moment overloopt het je. Net als je probeert je verdriet te doseren dan komen er mensen die toch weer verdrietig zijn omdat ze het lastig vinden om bij mij naar binnen te stappen. Dan word je op een goede dag daardoor toch weer naar onderen getrokken. Op een gegeven moment hebben we gezegd: er komt hier rust, ook voor ons andere zoontje hij zag alleen maar verdrietige mensen. Er is geen handboek voor hoe iedereen het doet.

5 t/m 8 tussen vragen, eigen beleving, afscheid en dergelijke

  1. Heeft u nog uitgezocht naar het waarom?

Deze vraag is eigenlijk al beantwoord, zie vraag 1.

De consulent vult aan door te zeggen dat iedereen wel uit gaat zoeken naar het waarom, als die mogelijkheid er is.

Dat ze naar een medium is geweest vindt ze goed als dat in het verslag komt te staan.

  1. Zijn er bepaalde dingen gebeurd, gezegd of gedaan waarvan u nu zegt, dit had ik op een andere manier gewild?

Neen.

Als ik kijk hoe ik hier ontvangen en begeleid ben, dat is gewoon goed geweest.

Ik heb het wel eens tegen mensen, vrienden en familie gezegd dat toen ik hier s ’nachts binnen kwam met de ambulance, toen hadden we gelijk een kinderarts bij ons die een gesprek met ons aan ging voordat ik zelf naar de NICU werd gebracht. Ik zei ook van hoe zij dat zo op een liefdevolle en tactvolle manier kunnen zeggen dat het eigenlijk geen haalbare kaart is; ik snap nog steeds niet dat ze dat zo netjes kunnen verwoorden dat het acceptabel is voor ouders, want je wilt het niet horen. Ik vond dat hier zo professioneel en goed. Ook de ouders, mijn zus en de zus van mijn man die werden meteen bij naam aangesproken als ze onze kamer binnen kwamen, waren ze heel netjes en allemaal waren ze op de hoogte. Dat was heel fijn.

Ik vraag de respondent of zij zich nog kan herinneren hoe men het haar verteld had?

Ze antwoordt dat men gezegd had dat het erg slecht eruit zag en ik was toen nog geen uur hier en ze vroegen of wij hem wilden laten dopen. Eigenlijk is dat heel kort bij stuk, maar het moet natuurlijk allemaal wel geregeld worden. Ik had zelf toen ik in de ambulance hierheen werd gebracht een vrouw naast mij zitten, een ambulance broeder. Zij zei mij toen dat ik foto’s moest laten maken, filmen en dat ik moest doen wat ik wilde want het is mijn kind. Ik dacht toen al “oh”. Toen ik nog in het ziekenhuis in Boxmeer lag vroeg men of ik mijn zoontje eerst wilde zien voordat men hem wegbracht naar het Radboudumc. Ik heb toen gezegd doe maar niet, er is geen tijd te verliezen stuur hem maar naar het Radboudumc en mijn man gaat mee.

Zij zei toen dat ik nog wel even de tijd had. Ik dacht toen als dit kan en er is tijd voor en het maakt niet uit qua tijd, toen had ik al in mijn hart zoiets van: dit gaat niet goed komen.

De gynaecoloog zei tegen mij dat hij nog nooit iemand zo alert uit de narcose had zien komen, meteen op de overlevingsmodus bellen en regelen. Ik had meteen zoiets van dit gaat mis en waarom? Ik had geen idee. Er komt zo’n oerkracht in je omhoog.

Ik vraag de respondent om verduidelijking hoe het precies in Boxmeer is gegaan?

Ik lag onder op de verkoeverkamer en als ik wakker werd zouden ze mijn man bellen want die was dan boven bij de kinderafdeling. Hij is gekomen en toen vroegen ze aan mij: de ambulance is gearriveerd wil je je zoontje nog graag even zien? Eigenlijk wel, maar ga maar snel naar het Radboudumc want er is geen tijd te verliezen. Ze zeiden toen dat het wel even kon. Toen dacht ik: als er tijd is om hem mij te laten zien dan is het te laat. Als het spoed is dan moet men met toeters, bellen en sirenes gelijk vertrekken. Mij werd gevraagd of ik mijn zoontje wilde zien; natuurlijk wilde ik mijn eigen kind zien; dan denk je bij jezelf, is daar wel tijd voor dan? Ik dacht toen: het is allemaal te laat, ze gaan kijken wat ze kunnen doen, de spoedeisende kant zal niet veel nut hebben want er is tijd om hem mij te laten zien. Niet levensbedreigend want dan maakt die vijf minuten ook niet meer uit.

Als iemand een hartaanval krijgt dan zeg je niet: wil je nog even langs je dochter oprijden? Kan dat dan wel, zeker want je gaat toch dood.

Ik heb dus mijn zoontje gezien, ze zijn langs gekomen met de couveuse. Er was geen één stukje huid onbedekt want er zaten allemaal toeters, bellen, pleisters en infuus. Ik kon ook helemaal niet overeind komen want ik was zwaar gekneusd door de keizersnede. Daarna zijn ze gelijk naar het Radboudumc gegaan.

Voor de rest was de zorg gewoon prima. Het enige wat mij bij is gebleven is die ellendige ingang bij de Spoedeisende Hulp waar een klinkerweg ligt. Als je net een keizersnede gehad hebt dan is dat verschrikkelijk. Mij was verteld dat ik ook een hele stugge ambulance had. Dus, dat was verschrikkelijk. Dat is mij gewoon bijgebleven. Dan lig je al redelijk gehavend in de ambulance en dan moet je nog over zo’n klinkerweg heen.

Voor de rest was het allemaal prima.

  1. Op wat voor een manier heeft u afscheid genomen?

Ons eerste zoontje mocht niet op de NICU komen, want hij was nog maar net 1½ jaar oud en hij had nog geen waterpokken gehad. Hij zou ze kunnen dragen natuurlijk.

In de ochtend hebben we van ons pasgeboren zoontje een uitgebreide hersenscan gehad. Daar hebben we nogmaals de bevestiging gekregen dat het toch echt geen levensvatbare en haalbare situatie was. Toen hebben wij ervoor gekozen om in de middag naar een aparte kamer te gaan waar ons pasgeboren zoontje gedoopt zou worden, daar mocht ons oudste zoontje wel bij. Mijn ouders, schoonouders, onze beide zussen plus aanhang zijn hier gekomen. Mijn zus was erbij met één van hun drie kinderen want die was net twee weken oud. Dat was heel fijn en we hebben nog foto’s gemaakt met zijn tweeën. Ons zoontje zag zijn broertje toen voor de eerste keer, maar ook gelijk voor de laatste keer. We hebben toen ons zoontje laten dopen met de familie. Onze familie heeft toen samen met ons oudste zoontje afscheid van hem genomen en zijn naar huis gegaan. Mijn man, ik en ons pasgeboren zoontje zijn naar een aparte kamer gegaan. Daar hebben we de beademing eraf gehaald. Het personeel van de Radboudumc heeft ons gevraagd of we het fijn vonden als ze af en toe binnen zouden lopen gedurende het verloop van het sterven. Hij heeft nog 3 uur geleefd voordat hij stierf. Er gaat dan heel veel door je hoofd heen: van doen we het wel goed, hij is zo sterk. Ze zeiden toen dat het hart het sterkste orgaan is, maar dat ze gedurende de bevalling al wisten dat de rest van de organen aangetast waren aangezien tijdens de bevalling de hartslag erg laag was. Het hart is het orgaan wat het langst onbeschadigd blijft en volhoudt. Hij had een heel sterk hart. Hij is toen in de avond om 20.13 uur overleden.

Wij hebben toen ‘make a memory’ ingeschakeld en zij zijn de volgende dag, woensdagochtend, gekomen. Zo ook mijn ouders met ons zoontje voor de foto’s. Ik ben toen s ’nachts heel ziek geworden en ze waren bang dat ik nabloedingen had. Ik ben toen weer onderzocht. Het was allemaal te veel. Ik was sinds maandagochtend 06.00 uur wakker. Dan een bevalling proberen te doen, uiteindelijk een keizersnede en ik had veel bloed verloren. Achteraf had ik een blaasontsteking van de katheter opgelopen. Ik was erg ziek en ze hebben mij weer opgelapt om s ’morgens toch die foto’s te kunnen maken. Dat moest s ‘morgens want de obductie ging s ’middags plaatsvinden. Alles moest meteen achter elkaar aan. Het is pittig op zo’n dag, maar je snapt het natuurlijk wel, want als je het wilt dan moet het. Donderdag mochten we weer naar huis nadat we ons zoontje hebben opgehaald uit het crematorium. De begrafenisondernemer is toen bij ons thuis gekomen en heeft ons zoontje in zijn eigen bedje opgebaard. Op zondag en maandag hebben wij een inloop uur gehad voor vrienden en familie die wilde komen om ons te zien en voor degenen die ons zoontje wilde te zien. Hij lag boven opgebaard, dus niet iedereen hoefde erheen als ze niet wilden.

Helaas hadden wij al het voorbeeld van twee vrienden hoe zij hun afscheid opgezet hadden. Voor ons was het eigenlijk heel makkelijk, want dat was mooi. We hebben de kaartjes teruggezocht en hebben het geboortekaartje aangepast. We hebben heel veel hulp gehad van onze zussen, zij hebben heel erg meegedacht. Wij hebben toen zondag en maandag het afscheid gehad en iedereen gezien. Vrienden, familie en er zijn toen bijna 100 man geweest. Het was echt heel fijn en geweldig.

Hij is op dinsdag 4 juni begraven. We zijn toen vanuit huis met naasten, familie en vrienden zelf naar de kerk gelopen met de bolderkar en het kistje erop. Het kistje was versierd met handjes en voetjes van ons eigen zoontje, neefjes en nichtjes. En met heliumballonnen eraan. Wij hebben toen een kerkdienst gehad. In de kerk heeft de kraamverzorgster van ons eerste zoontje nog live gezongen en zo is hij begraven.

Zij heeft een lied gezongen van Woezel en Pip, dat zijn tekenfilmfiguren [uit Het land van je ogen dicht] van Guusje Nederhorst. Zij heeft dat toen allemaal opgezet.

En dan hadden we ook nog eigen muziek via de cd.

  1. Weten de andere kinderen wat er allemaal gebeurd is?

Ja.

Onze zoon is nu 7½, die wordt in oktober 8 jaar. Hij heeft er heel veel van mee gekregen in zijn toen jonge leventje en hij is er ook best wel veel mee bezig. Ik ben wel eens met hem naar een soort van kinderpsycholoog, kindercoach, bij ons in het dorp gegaan. Hij was toen te klein om het allemaal te beseffen. Hij heeft veel vragen en die beantwoorden we. Hij heeft ook veel gevoeld gedurende die tijd. Dat heeft het medium ook gezegd – want hij is een keer mee geweest – dat hij een heel gevoelig mannetje is. En dat is hij ook. Hij is er bewust of onbewust mee bezig.

Ons andere kind, een dochter, zij is nu pas 3 jaar geworden. Zij gaat mee de bloementjes water geven, maar ze weet natuurlijk niet wat ze aan het doen is. Ook daar heb ik het ooit wel eens over gehad met het medium. Zij heeft toen gezegd dat een stukje van ons overleden zoontje in ons dochtertje verweven zit. Dat ik niet gek moest opkijken als er ooit dingen uitkomen die zij zal gaan zeggen of doen. Ik zie ook wel veel dingen qua gelijkenis. Ooit denk ik wel eens dat ze gelijk heeft, want ze is echt een poppenmeisje, maar ze kan ook heel erg met auto’s spelen; en is ze ook weer een jongens-meisje. Ze is met haar doopnaam ook vernoemd naar ons overleden zoontje.

Het heeft best een tijdje geduurd voordat we zwanger waren van haar.

9 t/m 13 periode daarna en het nu

  1. Op welke manier denkt u nog aan uw kindje? Bijvoorbeeld: gedenkt u tijdens de verjaardag of wanneer uw kindje gestorven is? Wordt er regelmatig over uw kindje gesproken en wordt uw kindje bij de naam genoemd?

Wij gaan iedere dag naar het grafje toe om kaarsjes aan te maken. Het grafje is heel dichtbij, we wonen in een dorp vlakbij Boxmeer. Mijn man gaat er meestal s ’morgens heen en ik s ’avonds. We slaan geen dag over. En als we op vakantie zijn, doen opa en oma van beide kanten het. Soms gaat ons zoontje mee en ooit zal hij alleen gaan. Dan heeft hij wat geknutseld en dan gaat hij het wegbrengen. Ze mogen van mij mee, het is geen moeten. De kleinste vindt het leuk, maar die vindt het altijd leuk als ze ergens mee naar toe mag, dat is de leeftijd.

Als hij jarig is, zijn jaardagen vieren we eigenlijk altijd, met de familie; ook door middel van ballonnen oplaten en een taart in de vorm van een ster.

Wij staan er altijd wel bij stil. Het is nu net vorige week geweest, het is nu zes jaar geleden. Het is heel apart, het lijkt net als de dag van gisteren, maar dan denk je, het is alweer zes jaar.

  1. Hoe hebben u en uw partner dit verlies ervaren?

Beiden wel op een andere manier qua verwerken.

Ik praatte er graag over en mijn man weer niet, toen. Hij heeft ook een heel stuk alleen moeten doorstaan tijdens de bevalling. Wij gingen met spoed de OK in. Ik ben toen gaan slapen en hij heeft het allemaal op afstand zien gebeuren en voordat ik weer bij kwam heeft hij een pittig stuk alleen ervaren natuurlijk. Het reanimeren, hij heeft het allemaal gezien. Ik heb hem gevraagd mij uit te leggen omdat ik het wilde weten, maar ook omdat ik het bij hem los ging maken. Ik zag wel dat hij het heel erg bij zich droeg en hij kon er met niemand over praten. Hij stond toen alleen samen met het dienstdoende personeel. Dat vond ik wel heel mooi van het ziekenhuis waar ik bevallen ben, te Boxmeer, dat de kinderarts mijn man heeft aangeboden of hij nog een keer terug wilde naar de OK. Zodat hij het nog een keer kon uitleggen. En dat we samen nog een rondleiding konden krijgen, maar daar hebben we niet voor gekozen. Dat vond ik toen wel een heel mooi aanbod. We hebben met hem wel een gesprek gehad. Dat was voor mijn man wel een stukje verwerking die hij wel nodig had, denk ik.

Samen zijn we er nog sterker door geworden. Doorgaans is mijn man niet zo’n prater en inmiddels heeft hij het wel verwerkt. We praten er nu samen wel goed over en in het begin had je een gekke en drukke periode. Je verwacht twee kinderen heel jong op elkaar te krijgen. Iedereen zegt dat we het druk zullen gaan krijgen. Nu stonden we met lege handen plus een vrouw die een keizersnede gehad heeft; die de zorg voor haar eigen zoontje niet mag en kan doen zoals dat normaliter zou gaan. Plus we hebben een eigen bedrijf, daar kon hij wel zijn ei in kwijt, maar hij kreeg het er allemaal wel bij. Het bedrijf gaat door. Ik moest verzorgd worden en dan heb je ook je verdriet.

  1. Wat zou u andere ouders die iets dergelijks meemaken, willen meegeven?

Er is geen handboek voor.

Doe het op je eigen manier, elke manier is goed. Je kan geen tips of aanwijzingen geven, je weet alleen dat ze het loodzwaar gaan krijgen. En dat ze zich niet hoeven te schamen voor verdriet. Het mag er zijn en het is er; het komt eruit ook op momenten dat je het niet wilt. Het overvalt je. Een vriendin zei zo mooi tegen mij van de emmer loopt vol, die loopt over en dan begint het weer opnieuw. Zo is het. In het begin zit die emmer heel vaak vol.

Ik heb er wel wat van geleerd. Wij wonen in een dorp en toen ik weer een beetje op de been was, liep ik overdag een keer naar mijn man op en neer want die werkt 900 meter van huis af, dan ging ik even theedrinken, dan was ik even van huis af en was ik even buiten. Dan zie je mensen die in de tuin aan het werk zijn en die dan niet goed weten wat ze moeten zeggen, die lopen dan weg of doen alsof ze je niet zien. Dat vond ik toen heel moeilijk. Dat ik dacht: jeetje ik heb toch geen ziekte. Achteraf hoor je dan van mensen dat ze het moeilijk vonden om mij aan te spreken, wat moet je dan zeggen? Ik antwoordde toen dat ze gewoon iets moesten zeggen. Ik heb zelf nu wel geleerd als ik zie dat iemand sterft, ziek is of er iets is, ik stap er dan wel op af. Ik weet hoe moeilijk het is als mensen je zelfs negeren en dat heb ik er wel uit geleerd. Hoe moeilijk het ook voor jou is, het is voor hun altijd moeilijker.

De respondent veegt haar tranen af en vertelt dat ze er emotioneel van wordt.

Dat kan je mensen gewoon bijbrengen. Mensen kunnen je ontwijken, maar ze bedoelen het niet verkeerd. Het is voor hun gewoon heel moeilijk. Wat zeg je tegen iemand die een kind verliest. Dat is lastig.

  1. Heeft u hierna nog geprobeerd zwanger te worden?

Ja.

Vanaf dag 1 was die behoefte er al en toen zat ik met lege handen. Je wilt natuurlijk niet meteen zwanger worden, maar het speelt wel door je gedachten. Je wilt een gezinnetje. Het gezin is niet compleet. We hebben een half jaar moeten wachten om zwanger te worden vanwege de keizersnede. Echter, 2013 was een jaar vol ongeluk. We hebben ons bedrijf moeten sluiten vanwege de economische crisis, we hadden twee filialen. Zes familieleden die stierven, bedrijf moeten sluiten en mijn schoonmoeder heeft longkanker gehad. Zij is hier geopereerd en heeft een hele ernstige operatie gehad. Zij begon op de dag van een begrafenis van een familielid met de chemokuur. In 2013 wilden wij niet meer zwanger worden. We zijn er in 2014 voor gegaan. Ik heb toen vier keer een vroege miskraam gehad.

Ik vraag de respondent hoe dit voor haar voelde?

Natuurlijk was dat op dat moment een grote teleurstelling, maar alles beter dan het weer mis laten gaan met een voldragen kind.

Ik vraag de respondent of ze hulp hierbij kreeg?

De gynaecoloog heeft ons toen aangeboden om de cyclus te volgen en een bepaald traject in gang te zetten, dat mogen ze pas bieden na een jaar. Op een gegeven moment lukte het zwanger worden niet. We hebben toen zelf gekozen om via de huisarts een verwijsbrief te krijgen voor medische hulp. Hij was heel begripvol om ons door te sturen naar een kliniek en niet nog een jaar te laten wachten. Het ziekenhuis wilde dat wij een jaar lang probeerden zwanger te worden. Dat is het protocol waar je je aan moet houden als er mensen komen. Wij vonden zelf dat we genoeg meegemaakt hadden en dat we niet binnen die term van dat jaar moesten vallen. En de huisarts was heel begripvol en gaf ons een doorverwijzing. Wij hebben toen zelf gekozen om naar een vruchtbaarheidskliniek

Nij Geertgen bij ons in de buurt te gaan. Het was daar een warm welkom met een huiskamer en we werden heel goed gehoord. Zij zijn ons toen ook gaan volgen qua cyclus en stelden voor om met hormonen te beginnen. Uiteindelijk zijn wij na de laatste poging, de makkelijkste poging, het terugplaatsten, daar zijn we mee zwanger geworden. Wij waren uitgerekend op de sterfdag van ons zoontje (28 mei), dat was heel bizar. Vooral na zolang proberen, miskramen, dan word je zwanger en ben je uitgerekend op 28 mei. Het was verschrikkelijk, maar ook mooi. De gynaecoloog heeft onze zwangerschap heel goed opgepakt. Iedere week controle en we zijn daar ook heel fijn behandeld. Als we ooit in paniek zaten mochten we komen. Het was een hele fijne zwangerschap, het ging goed met mij lichamelijk, maar psychisch was het wel heel zwaar. Als iemand met 20 weken een kindje verliest, dan gaan die 20 weken op een gegeven moment voorbij en dan is men de grens voorbij waar hun de angst lag. Wij waren 40 weken, dus die angstgrens was er niet. Het was gewoon spannend tot aan de laatste minuut.

De gynaecoloog was heel meedenkend en zei dat ze dit niet gingen afwachten, dat ze een keizersnede gingen plannen. In november wisten wij al dat we op 9 mei pappa en mamma gingen worden.

Dat was heel fijn en met 37 weken en 2 dagen is ons dochtertje gehaald.

Ik vertel de respondent dat ik wel vaker gehoord heb dat men niet wacht tot wanneer de grens bereikt is waarop de vorige zwangerschap was afgelopen.

Dat hebben wij ook beiden gezegd voordat we zwanger waren, dit gaan we nooit meer doen. De gynaecoloog heeft toen ook gezegd dat dit een keizersnede ging worden en dat ze het niet meer gingen afwachten.

Op 9 mei 2016 zijn we bevallen van onze dochter. Dat was ook wel heel bizar want op 8 mei is het kindje van mijn zus jarig waar ik toen gelijk zwanger mee was en zij is toen 6 jaar geworden. Dat is wel heel mooi, maar ook moeilijk. Die zie je opgroeien en dan heb je een vergelijking natuurlijk. Al die mijlpalen die zij had en ik niet. En 12 mei ben ik zelf jarig, dus die week is heel bizar.

Ik vraag de respondent dat het dan toch ook een vreugdevolle week is?

Ze beaamt dit en ze vult aan dat het heel raar is want in mei hebben wij ons dochtertje wat jarig is, ik ben jarig, Moederdag dat niet compleet is en dan de dagen die erbij komen van ons overleden zoontje. Het contrast is heel groot in de mei maand.

Wij hebben nu een gezin van vijf waarvan één in ons hart, allemaal in ons hart, maar één uit het zicht. Het is goed zo, de kinderwens is voldaan.

13. Zo ja, hoe is dat afgelopen?

Goed.

We hebben een kleine blonde krullenbol gekregen, met veel pit. Een vooruitstrevende eigenwijze, vrolijke dame is ze en heel wijs. Ze heeft de zon weer laten schijnen zeggen ze bij ons, maar dat heeft ze ook. Mijn vader zegt altijd “wat dat er voor een is, ik heb geen idee waar dat heen moet, zo’n kleine wijsneus”.

14. Zijn jullie nog naar de herdenkingsdienst voor overleden kinderen geweest?

Ja, samen met mijn man.

Wij vonden dit heel mooi. Dan schrik je er ook weer van hoeveel mensen er zijn. Hoe vaak het hier gebeurt. Niet specifiek hier natuurlijk, maar hoeveel mensen in hetzelfde verdriet zitten.

Dat vonden we op de NICU hier al s ’nachts, dan kom je binnen en dan denk je wat een fabriek. Ongelooflijk het gebeurt ons, het overkomt ons. Hier word je wel wakker geschud hoe vaak het gebeurt, dat is bizar. Iedere keer als er een kindje geboren wordt is het een groot wonder. Dan ben ik altijd heel opgelucht als ik iemand ken die van een gezonde baby is bevallen. Het is zo apart; sommige jonge ouders die vooral toen, nu niet meer, toen vijf jaar geleden bijvoorbeeld heel veel ouders voelen zich schuldig als ze een gezonde zoon hebben. Dat idee hadden wij toen. Dan belden ze ons om te vertellen dat ze een zoon hadden en dan begonnen ze zelf te huilen. Zo moeilijk vonden ze het voor ons. Wij zitten in een leeftijd dat iedereen kinderen krijgt. Ze vonden het dan heel moeilijk om ons dan te bellen en te zeggen dat zij een gezonde baby hadden. En wij vonden het alleen maar heel mooi dat het voor hun goed afgelopen was. Het is fijn dat ze meedenken, maar dat is heel apart dan.

Ik was 34 jaar toen ons zoontje stierf en mijn man was 39 jaar.

Zo is hij iedere dag bij ons, maar dan op een andere manier.

Ik hoorde van mijn vriendin waarbij het tien jaar geleden is, haar kindje is ook in het Radboudumc geboren. Elk jaar in aanloop naar die dagen, verjaardag en sterfdag, die zijn zwaar en vooral die aanloop daarnaartoe. Je merkt gewoon aan jezelf dat je moe bent emotioneel. Ze zei toen het twee jaar geleden was en ook nu het tien jaar geleden is: het blijft gewoon aanwezig als de dag van gisteren, gewoon zo in je geheugen. Daar ben ik wel heel blij mee want ik wil het ook niet vergeten.

Ik vraag de respondent of zij hetzelfde ervaart als haar vriendin?

Jazeker vertelt ze. Daar kan je ook niets tegen doen. Ik ben opgefokt en een kreng. Het overkomt je en het zit gewoon in je lichaam. Je bent onrustig en je wilt de verjaardag vieren die moet eigenlijk perfect zijn, maar dit zal het nooit worden. Je wilt een cadeautje, het kan niet te groot zijn, het moet buiten kunnen. Je wilt iets wat eigenlijk niet kan. En dat is wel heel lastig, maar ook weer fijn om het te kunnen doen. Zo is het altijd een tweestrijd, het is dubbel, maar ook weer mooi.

Ik bedank de respondent hartelijk voor het geven van dit interview voor haar tijd, vertrouwen en geduld ook namens mijn begeleider dr. Smeets. Ik vertel haar dat ze het interview per mail krijgt toegestuurd om het na te kijken, het zal alleen lang (ongeveer een half jaar) gaan duren.